Artikel

1-Nieuw onderzoek


Het wild zwijn is in Nederland helaas een onderschatte soort die broodnodige dynamiek brengt en onderhoud in aderverkalkte natuurgebieden.



Dit artikel is op 08-11-2010 geplaatst


Zelden wordt de natuurlijke rol van een diersoort zo onderschat en miskent als het wild zwijn. Deze belangrijke ecologische soort krijgt in ons land onvoldoende de natuurlijke rol waar de natuur recht op heeft. Er worden terecht miljoenen uitgegeven om natuurgebieden door ecoducten, tunnels en corridors weer met elkaar te verbinden. Ondanks het in dit opzichte verslechterende politieke klimaat, is dit proces van natuurgebieden weer met elkaar te laten aansluiten in een laatste beslissende fase aangekomen. Planten en dieren krijgen op die manier weer iets terug van het verlies aan mogelijkheden om zich tussen de diverse nu ernstig versnipperde leefgebieden te verplaatsten. Andere type terreinen en landschappen kunnen die rol niet vervullen, ook boerenland niet, al was het alleen maar vanwege het feit dat dat juist door boeren als een conflictbron wordt beschouwd.

Het instellen van natuurlijke corridors is dus hoopgevend, maar nu lijkt juist het wild zwijn op deze nieuw in te richten ecologische corridors de doorgang te worden ontzegd. Onder meer door rasters waar zwijnen niet door kunnen maar herten wel overheen kunnen springen. Ander dieren als konijnen, hazen, egels, dassen en dergelijke zullen ook door dergelijke zwijneraster op ecoducten worden gehinderd. Heeft men in de toekomst misschien maatregelen voor elk individueel dier in gedachten voor wie wel en wie niet mag passeren?

Soms worden bossen gekapt (1) voor het maken van stuifzanden ten behoeve van daaraan gebonden soorten. Terwijl een wild zwijn op veel kleinere, maar vooral gevarieerdere schaal, met zijn gewroet en gegraaf biotoopjes maakt, die kleinschalig en zeer gevarieerd, hetzelfde type habitats laat ontstaan waar dezelfde gewenste soorten kunnen gedijen. Op dergelijke zanderige plekken bijvoorbeeld, kunnen zandbijen en zandhagedissen gedijen, maar ook gladde slang zal er zich kunnen opwarmen in de zon en korhoenders zijn helemaal dol op dergelijke kleinschalige plekken om zichzelf en hun kuikens te laten opwarmen in de wetenschap al op enkele meters afstand een veilig heenkomen in een ruig stukje heide of gevarieerde bosrand te vinden bij een plotseling overvliegende havik.

Wat doet het wild zwijn beter dan de mens? Wat doet het wild zwijn wat de mens niet kan? Wat doet het wild zwijn wat de mens niet wil? Hoe is het mogelijk dat er schijnbaar plots zoveel wilde zwijnen zijn die ook allemaal weer dienen te worden afgeschoten? Moeten wij met dit doden van een inheems wild dier in lengte van jaren doorgaan, of zijn er andere oplossingen? Wat is eigenlijk het probleem dat aan die oplossing vooraf gaat?

Om al dit soort vragen in kaart te brengen zal Stichting Kritisch Bosbeheer een onderzoek starten, waarover later meer.

Bronnen

1] - bossen gekapt voor stuifzand